Publicaties

NOVA Verkenning: Living Labs

NOVA is in essentie opgezet volgens living lab gedachte. NOVA als proeftuin voor RWS. We verkennen niet alleen, maar beproeven innovaties binnen NOVA zelf en in RWS praktijk van alledag. Wat we nog onvoldoende doen is beproeven samen met partners.

Deze verkenning is opgezet door NOVA collega’s Joost Heessels en Tessel Vercouteren. Het is een kleine literatuurstudie naar het onderwerp Living Labs. Door middel van gesprekken met collega’s binnen Rijkswaterstaat en NOVA, maar ook daarbuiten, hebben we hier antwoord op kunnen geven.

Theoretisch kader

Definitie

Tot op het moment van schrijven is er in de literatuur geen eenduidige definitie te vinden voor de term Living Lab. Er zijn overigens wel twee kenmerken die steeds terugkomen namelijk ‘cocreatie’ en ‘een levensechte experimenteerruimte’. Een definitie die daar het beste bij in de buurt komt kunnen we omschrijven als:

“Een Living Lab bevindt zich op een afgebakende locatie waarin verschillende partijen gezamenlijk werken aan innovatieve oplossingen in een levensechte setting”.

Het belangrijkste doel van een Living Lab is  – volgens Jasper Deuten van het Rathenau Instituut – het leren van elkaar. Daartoe kom je in een Living Lab als je een duidelijke leerstrategie hebt met daarin wie wat doet en hoe je  tot de resultaten bent gekomen. Ook al heeft elke partner binnen een Living Lab haar eigen doelen, een leerstrategie kan uitkomst bieden om een goede samenwerking te behouden.

Volgens Kesselring en Deuten is het erg belangrijk dat een Living Lab zich buiten de deelnemende instituten bevindt. Binnen een Living Lab is er sprake van gedeeld leiderschap; een Living Lab functioneert niet als het onder de vleugels van een bestaande en soms verouderde organisatiestructuur hangt.

Metafoor

Marcel Kesselring, kwartiermaker van het Urban Living Lab Breda, gebruikt een metafoor bij de ontwikkeling van een Living Lab:

“ Bekijk een Living Lab als een plant en aan die plant groeien bloemen. Dit zijn de communities die om de grote thema’s/uitdagingen heen zijn georganiseerd en de plant (Living Lab dus) doet veel moeite om de bloemen te laten groeien. Om al deze bloemen ook nog mooi te laten pronken heb je dus een goede en stevige stengel nodig, in dit geval is dat dus het netwerk bestaande uit de verschillende partijen die bij het Living Lab zijn aangesloten. Die stengel komt natuurlijk uit een rijke bodem met de energie die kwartiermakers in het netwerk stoppen, die bodem zorgt dat de plant (dus ook de bloemen) kunnen blijven groeien”.

In feite zegt Kesselring hier dat een Living Lab geen einddoel op zich is, maar een manier om met meerdere partijen problemen aan te pakken en te innoveren. Daarnaast zegt hij ook dat er met meerdere partijen gewerkt kan worden waar misschien eerder nooit aan gedacht is. Volgens Jasper Deuten van het Rathenau instituut is dat netwerk heel belangrijk. Door een partnership met elkaar aan te gaan, worden de gezamenlijke doelen versterkt.

Een Living Lab is een bottom-up verhaal. Meestal hebben burgers een probleem of een vraag. Voorbeelden van het Living Lab in Breda zijn vragen over de leefbaarheid van de stad, hoe je moet samenleven in de stad van de toekomst en hoe die stad van de toekomst er dan uitziet.

Geleerde lessen uit de praktijk van Living Labs

Tijdens het onderzoek hebben we een aantal mensen gesproken die praktijkervaring hebben met Living Labs. De belangrijkste lessen die zij hebben geleerd van het werken met of in een Living Lab hebben we hieronder opgetekend.

Het belang van lokaal

De maatschappelijke problemen die op dit moment spelen, bijvoorbeeld rond zorg of sociale cohesie zijn in toenemende mate complex. Complexe problemen kenmerken zich door een groot aantal factoren dat van invloed is op het probleem. Doordat al die factoren op elkaar inwerken is het moeilijk te bepalen welke interventies nodig zijn en wat de (onbedoelde) effecten daarvan zijn. Aangezien deze problemen lastig op te lossen zijn, is er vaak maatwerk nodig. Er bestaat een behoefte om problemen kleinschalig en van onderop georganiseerd aan te pakken. Oplossingen die toepasbaar zijn op specifieke situaties waar het probleem zich voordoet, hebben daarmee meer kans van slagen. Door relevante partijen te betrekken kunnen er door middel van co-creatie oplossingen worden gevonden. De lokale omgeving heeft immers de meeste kennis van het specifieke probleem voor die omgeving. Daarnaast is een lokale en levensechte ruimte ook dynamisch en steeds veranderend, waardoor een mogelijke oplossing vroegtijdig kan worden blootgesteld aan verschillende factoren en daarmee robuust wordt. De essentiële kennis die nodig is om te zien welke oplossing voor een probleem werkt, bestaat bij uitstek op de plek die de oplossing het hardste nodig heeft.

Vrije experimenteerruimte

Een Living Lab is een vrije experimenteerruimte om innovaties in uit te proberen. Het kan fungeren als plek om los van regels en normen ideeën uit te testen. Ook kunnen nieuwe werkwijzen of organisatievormen worden onderzocht. Belangrijk is dat Living Labs plaatsvinden in een realistische, levensechte setting. Deze vrijheid om out-of-the-box te kunnen denken en te experimenteren wordt als één van de belangrijkste redenen genoemd om een Living Lab op te zetten door de mensen die daar ervaring mee hebben. Om goed gebruik te kunnen maken van deze vrije experimenteerruimte is het belangrijk om een open houding en een brede blik te hebben. Ook vraagt werken in Living Labs om creatief vermogen en flexibiliteit.

Gedeelde probleemeigenaar is belangrijk

In een Living Lab worden problemen of vraagstukken uitgedacht die voortkomen uit of passen bij een specifieke omgeving of situatie. Daarbij is het essentieel dat het probleem in kwestie een (gedeelde) probleemeigenaar heeft. Het probleem moet worden ervaren door een of meerdere partijen in het Living Lab. Daarbij speelt de levensechte setting van het Living Lab ook weer een rol. Het doel is om een specifiek probleem of uitdaging op te lossen; een probleem dat wordt ervaren door een partij die onderdeel is van het Living Lab. Op die manier wordt er niet voorbij gegaan aan de details en de eigenheid van het probleem. De rol van eigenaar is ook om de andere partijen beter aan elkaar te verbinden.

Gelijkwaardige samenwerking (community)

Het ander leerpunt gaat over gelijkwaardig samenwerken. Een Living Lab heeft als meerwaarde dat het een samenwerking betreft dat het individueel niveau overstijgt. Gelijkwaardig samenwerken met meerdere partijen (burgers, overheid, markt, wetenschap) heeft een duidelijke meerwaarde. Op individueel niveau iets veranderen binnen een systeem is erg moeilijk. Een Living Lab kan helpen om te innoveren op systemisch niveau.

Net zoals een probleemeigenaar belangrijk is, is een gedeelde acceptatie van de oplossing voor het probleem ook cruciaal. De techniek van een oplossing is maar een aspect. Er kan veel breder worden nagedacht over de maatschappelijke en sociale aspecten van de oplossing en de impact die dat heeft. Als een oplossing alleen technisch werkt, maar er wordt geen rekening gehouden met de daadwerkelijke ervaren impact op het dagelijks leven van de gebruikers, bestaat de kans dat de oplossing niet goed zal werken.

Een ander aspect aan de samenwerking gaat over doelen en belangen. In een Living Lab wordt een gezamenlijk doel of missie geformuleerd, maar het is verstandig om ook de individuele motieven en belangen scherp te hebben. Het is niet verkeerd dat partijen in een Living Lab hun eigen motief hebben, zolang de hoofdmissie voor iedereen hetzelfde is. Om dit proces in goede banen te leiden is het noodzakelijk om in elkaar te investeren en elkaars belangen te begrijpen en te leren elkaar te respecteren. Persoonlijk vertrouwen is daarom ook een wezenlijk onderdeel in de samenwerking. Goede persoonlijke relaties helpen daarnaast ook om de afstand tussen wetenschap, overheid en burger te verkleinen in de samenwerking.

Vervolg op deze verkenning

Er zal een vervolg worden gegeven aan deze verkenning. In de volgende verkenning gaan we inventariseren welke Living Labs er binnen Rijkswaterstaat en de verschillende regio’s lopen en ook kijken we naar wat er nog niet is. Als we dit in kaart hebben gebracht gaan we opnieuw de discussie aan welke rol NOVA zou kunnen spelen bij deze of soortgelijke initiatieven.

NOVA – beproeft het hoe van overmorgen en organiseert zich vandaag, samen met anderen, rondom complexe maatschappelijke vraagstukken van morgen.

Ontvang je graag het volledige rapport over Living Labs of wil je graag bijdragen aan het vervolg van deze verkenning? Mail dan naar nova@rws.nl

Bron: https://www.linkedin.com/pulse/nova-verkenning-living-labs-rws-cd-nova/?trackingId=DdgymO36TZegGPkK80IQIQ%3D%3D

Getagd , ,

Over Joost Heessels

Ik ben een creatieve generalist met hart voor de publieke zaak. Ik geniet ervan als ik een bijdrage kan leveren aan innovatieve ontwikkelingen voor mens en samenleving. Ik geloof in holacratische organisaties, ondernemende ambtenaren en coöperatieve bibliotheken. Ik heb sterke affiniteit met de brede culturele en maatschappelijke vraagstukken. Ik sta open voor een nieuwe uitdaging! Momenteel werk ik Voor Rijkswaterstaat CD NOVA, een plek binnen Rijkswaterstaat waar complexe maatschappelijke vraagstukken op een onderscheidende manier worden aangepakt. We initiëren verkenningen en experimenten die bijdragen aan een wendbaar en toekomstbestendig RWS. Daarbij richten we ons op het organiseren van nieuwe samenwerkingen, zowel binnen RWS als daarbuiten, en verrijken we bestaande samenwerkingen. Binnen deze club houd ik mij bezig met o.a. verkenningen en experimenten naar Living Labs, community 's en middelen om intern en extern te communiceren en het delen van informatie. Keywords: Vernieuwing | Innovatie | Samenwerken | Informatie | Advies | Dwarsdenken | Communicatie
Bekijk alle berichten van Joost Heessels →

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.