Bibliofuture archief

VOB, een vereniging achter slot en?

Organisaties die er wel zijn maar die je eigenlijk nooit ziet. In de bibliotheeksector hebben we er zo één, de Vereniging van Openbare Bibliotheken. Wat die vereniging doet zal voor veel mensen een compleet raadsel zijn. Het is in ieder geval een vereniging die zich graag blijft verschuilen achter slot en grendel.

De VOB – de afkorting van Vereniging van Openbare Bibliotheken – is een branchevereniging van de openbare bibliotheken en organisaties die er verwant aan zijn – zoals bijvoorbeeld Provinciale Service organisaties (zoals: BISC, CUBISS en PROBIBLIO enz..). Openbare bibliotheken zijn lid van de VOB en krijgen daardoor toegang tot gezamenlijke services, voordelen en belangbehartiging. En zoals de slogan van de bibliotheek die er voor iedereen zou zijn is de VOB ook voor en van de leden. De vereniging heeft als missie om de belangen te behartigen van de openbare bibliotheekbranche waarbij modern ondernemerschap en maatschappelijk ondernemen voor op staat. De doelgroep van de VOB zijn primair de directeuren van de bibliotheken die lid zijn.

In een veranderend bibliotheeklandschap is de VOB ook bezig te veranderen. Op 23 oktober verscheen er een rapport over de vernieuwing van de vereniging opgemaakt door BMC advies uit Amersfoort.

Zoals bij veel documenten van de VOB staat ook dit rapport in een beschermde omgeving. Maar tot mijn verbazing is het rapport wel vrijgegeven aan het Bibliotheekblad:

De heren – Wim Keizer en Eimer Wieldraaijer – van het Bibliotheekblad zijn natuurlijk blij met de gang van zaken. Zij kunnen nu aandacht besteden aan dit rapport en de veranderingen die zich afspelen bij de VOB gaan duiden. Echter voor de openheid van zaken is het niet goed dat het rapport alleen de openbaarheid mag vinden via het Bibliotheekblad. Dit blad is niet de spreekbuis van de sector. Al denkt menigeen van wel! Er zijn ook onafhankelijke bloggers actief die de veranderingen rond de VOB in kaart zouden kunnen brengen. Helaas is dit niet mogelijk door de manier waarop de VOB aan het communiceren is.

rapportvobHet rapport  – waar ik ook de hand op heb weten te leggen – is niet klakkeloos online te zetten zonder enige duiding. Natuurlijk begrijp ik dat de pensionado’s van het bibliotheekblad – en met veel respect voor Wim Keizer overigens – meer tijd hebben om met een goed verhaal te komen dan hard werkende bloggers die dit alles in hun vrije tijd doen.

Het draait bij mij ook niet alleen om dit rapport. Het gaat ook om andere documenten die niet zichtbaar zijn terwijl het goed zou zijn dat deze meer mensen bereikten dan nu het geval is – zoals het document over het belang van uw Openbare Bibliotheek in tien punten. De vraag is of de VOB zich wel zo in de mist moet blijven verschuilen of dat het een open vereniging moet worden – al dan niet voor werkgevers – om de belangen van de branche te behartigen.

Over de inhoud van het rapport VOB 3.0 valt ook genoeg te zeggen zoals bijvoorbeeld de rol van de  certificering als belangrijk punt bij een lidmaatschap van de vereniging en het al dan niet open stellen van de vereniging voor commerciëlen bibliotheekorganisaties. Echter dat is nu niet aan mij om over te schrijven, het gaat mij over de manier waarop rapporten en het wel en wee van de VOB in de openbaarheid moet worden gebracht want wie is het bibliotheekblad om daar alleenrecht op te hebben?

Dat er in feiten niets is veranderd tussen 2010 en nu laat een tweetal blogberichten van Edwin Mijnsbergen uit 2010 zien:
Helaas moeten we je daarom teleurstellen
De Bibliotheekwereld anno 2010: geheime stukken en besloten forumsites

Via Facebook ontving ik een mooie en respectvol schrijven van Wim Keizer als antwoord op dit blog. Graag deel ik zijn reactie, mijn antwoord daar op en die van Edwin Mijnsbergen.

reactie

Wim Keizer:  Joost, het doet me genoegen te lezen dat je mijn herhaalde pleidooien voor maximale openheid bij de VOB onderschrijft. De VOB is geen gemeenteraad, Provinciale Staten of Tweede Kamer en heeft zoals elke vereniging recht op beslotenheid voor niet-leden. Maar juist omdat zij openbare bibliotheken bundelt, lijkt ons (Bibliotheekblad en WWW) maximale openbaarheid en de daarmee gepaard gaande democratische zuurstof van groot belang voor deze vereniging.
Ik heb daar onder meer op gewezen in de Nieuwsbrief Nieuw Bibliotheekwerk van september 2010 (p. 13, 14), december 2010 (p. 12) en de WWW van februari 2011 (p. 6), allemaal hieronder te vinden:http://www.bibliotheekblad.nl/nieuws/nieuwsbrief (click op WWW en dan op jaar). Ook in een gastblog op 23 juli 2013 hield ik een uitvoerig pleidooi met als slot: “Je kunt volhouden dat de essentie van openbaar bibliotheekwerk is het toegankelijk maken van alle informatie die van belang is of kan zijn voor burgers, voor zover daar geen informatie bij zit die burgers ernstig kan schaden. En dat instellingen in onze branchesector die beginselen allereerst op hun eigen informatie moeten toepassen om geloofwaardig te kunnen zijn voor de rest van de samenleving.” Zie verder hier:http://www.bibliotheekblad.nl/…/nieu…/bericht/1000004368

Afspraken met VOB
Zoals ik aangaf hebben verenigingen het recht besloten te zijn. Onze wens tot openbaarheid bij de VOB leidde in januari 2010 tot een gesprek, waarover ik in de WWW van februari 2011 het volgende berichtte:

Afspraken VOB, Bibliotheekblad en WWW
Namens de VOB hebben Ap de Vries (directeur) en Erik Jurgens (voorzitter) en namens de door de VOB als zodanig aangeduide “bibliotheekpers” Eimer Wieldraaijer (Bibliotheekblad) en Wim Keizer (WWW) op 10 januari een gesprek gevoerd over de openbaarheid van de VOB-ledenvergaderingen en andere VOB-bijeenkomsten. De aanleiding was het feit dat de oktobervergadering 2010 besloten was. Zoals bekend had “de bibliotheekpers” daar kritiek op. De VOB had de bibliotheekpers uitgenodigd hierover te komen praten.
Op 10 januari zijn er afspraken gemaakt die schriftelijk zijn vastgelegd. De afspraken gelden vooralsnog voor een jaar. Bij VOB-vergaderingen en -bijeenkomsten zal de bibliotheekpers worden toegelaten. Indien de voorzitter echter aangeeft dat bepaalde, gevoelige onderwerpen (zoals de inzet van CAO-onderhandelingen, gevoelige financiële gegevens van de VOB of zaken waar veel leden geen publiciteit over wensen) zich niet lenen voor publicatie, zal de bibliotheekpers daar niet over publiceren, indien ze besluit bij (dat deel van) de vergadering aanwezig te zijn of te blijven.
De bibliotheekpers heeft ingestemd met de afspraken, maar wel aangegeven dat indien zij zelf besluit bij (dat besloten deel van) de vergadering of bijeenkomst niet aanwezig te zijn of te blijven, het recht op vrije nieuwsgaring onverkort blijft gelden.
Over twitteren uit vergaderingen door anderen dan de vertegenwoordigers van Bibliotheekblad en WWW is niet gesproken. “

Evaluatiegesprekken
Na dit gesprek is de afspraak elk jaar geëvalueerd en vervolgens gehandhaafd. Bibliotheekblad en WWW ontvangen voor elke ledenvergadering (ALV) de ALV-agenda en de stukken die niet-besloten zijn. Helaas zet de VOB sinds een paar jaar wel alle stukken, ook de niet-besloten exemplaren, op haar eigen website achter een hekje (toegankelijk voor directeuren) en laat zij het aan de directeuren (als vertegenwoordiger van de leden-instellingen) over om stukken wel of niet door te sluizen naar andere personeelsleden van een bibliotheek (of, als tipgever, aan derden).

VOB 3.0
Het gesprek van Bibliotheekblad (Eimer Wieldraaijer), WWW (Wim Keizer) met Cor Wijn en Francien van Bohemen, waarin wij het concept-rapport VOB 3.0 overhandigd kregen, was het reguliere evaluatiegesprek. De VOB-tweet met foto, zonder verdere toelichting, vond ik niet handig.
Wij hebben gevraagd de stukken die we bij de ALV-agenda’s ontvangen in de toekomst niet meer achter een hekje te zetten. Daar zal naar gekeken worden.

Eigen afweging
Uit vrije nieuwsgaring hadden wij voor het gesprek al het concept-rapport VOB 3.0. Maar ik ben geen voorstander van “publish and be damned”. Bij elk stuk dat ik via vrije nieuwsgaring in handen krijg, maak ik zelf de afweging of ik het wel of niet (meteen) publiceer. Ook de relatie met de VOB – die, nogmaals, het recht heeft besloten te zijn – laat ik meewegen.
In dit speciale geval (VOB 3.0) speelt dat het een concept-rapport is dat naar aanleiding van de reacties nog aangepast zal worden, Die aangepaste versie, zoals die wordt voorgelegd aan de ALV, krijgen wij gewoon met de agenda toegestuurd.

Ik ben het met je eens, Joost, dat alles wat naar Bibliotheekblad en WWW gaat ook gewoon beschikbaar moet zijn voor andere media en bloggers. Bibliotheekblad en WWW zijn inderdaad geen spreekbuis van de sector, de branche of van wie dan ook.

Overigens staat het je natuurlijk gewoon vrij het concept-rapport zelf te publiceren en er commentaar op te geven. Dat pensionista’s meer tijd hebben dan hard werkende bloggers is een fabel, maar daar zul je pas achter komen als je zelf met pensioen bent wink-emoticon.

JoostBeste Wim, dank voor je schrijven. Mijn repect voor je is groot. En misschien ben ik wat bibliotheekblad wel wat te flauw. Wil mij graag sterk maken voor een goed blad en ik zie zeker dat er al goede resultaten zijn geboekt met de minimale middelen die jullie tot je beschikking hebben.

Wat de VOB betreft snap ik heel veel dingen. Maar de manier van communiceren is mij echt een doorn in het oog. De manier van reageren op twitter is een mooi voorbeeld hoe het niet moet. Ook het verwijderen van toehoorders tijdens ALV’s is een slechte zaak.
Edwin Mijnsbergen schreef in 2010 al hoe de zaken er rond de VOB toen voorstonden en in feiten heeft men daar weinig van geleerd, als je kijkt hoe de communicatie en het achter slot en grendel blijven van documenten er voor staat.

Wim, dank je wel dat je zo uitgebreid een antwoord op mijn blog hebt willen schrijven.

Edwin MijnsbergenFijn dit, heren. Ik weet dat Wim geen fan is van sociale media, des te mooier vind ik het om die reactie hier en nu te lezen. Dat voelt toch als in de categorie “als dan niemand het doet, dan doe ik dat er ook nog wel bij’. Het ligt altijd genuanceerder dan we denken én weten, maar als er iets niet in orde is in de sector dan is het wel de openheid en communicatie. Ja, je mag naar de congressen komen, en om de koffie, maar het verhaal online, dat is een ander verhaal. Er zijn nog werelden te winnen. Toen al, en nu nog steeds. Nog meer misschien wel.

JoostWim Keizer en Edwin Mijnsbergen ik zie echt wel lichtpuntjes. Een aantal directeur/ bestuurders die wat meer openheid – willen- geven. Maar ik zie bij andere netwerkpartners erg veel angst om belangrijke zaken met bijvoorbeeld het voetvolk te delen.

 


 

Getagd , ,

Over Joost Heessels

Ik ben een creatieve generalist met hart voor de publieke zaak. Ik geniet ervan als ik een bijdrage kan leveren aan innovatieve ontwikkelingen voor mens en samenleving. Ik geloof in holacratische organisaties, ondernemende ambtenaren en coöperatieve bibliotheken. Ik heb sterke affiniteit met de brede culturele en maatschappelijke vraagstukken. Ik sta open voor een nieuwe uitdaging! Momenteel werk ik Voor Rijkswaterstaat CD NOVA, een plek binnen Rijkswaterstaat waar complexe maatschappelijke vraagstukken op een onderscheidende manier worden aangepakt. We initiëren verkenningen en experimenten die bijdragen aan een wendbaar en toekomstbestendig RWS. Daarbij richten we ons op het organiseren van nieuwe samenwerkingen, zowel binnen RWS als daarbuiten, en verrijken we bestaande samenwerkingen. Binnen deze club houd ik mij bezig met o.a. verkenningen en experimenten naar Living Labs, community 's en middelen om intern en extern te communiceren en het delen van informatie. Keywords: Vernieuwing | Innovatie | Samenwerken | Informatie | Advies | Dwarsdenken | Communicatie
Bekijk alle berichten van Joost Heessels →

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.